Een open brief aan Wouter Beke

23 Oktober 2020
Centrum voor kortverblijf Westervier
Woonzorgcentrum Westervier

Beste meneer Beke

Al een paar weken ben ik aan het nadenken hoe ik de dingen mooi kan formuleren.
Ondertussen ben ik tot de conclusie gekomen dat ik geen mooie woorden heb om deze boodschap mee te geven.

Laat ik mezelf eerst kort voorstellen: mijn naam is Sarah, ik ben 34 en ik werk reeds 11 jaar in een WZC. Eerst als zorgkundige, ondertussen al vijf jaar als geriatrisch verpleegkundige.
Met hart en ziel! Als voorvechter van een positieve beeldvorming in de ouderenzorg, als stagecoördinator om de jongere generaties warm te maken voor een job in de ouderenzorg, in de hoop mensen te inspireren.

Het is altijd al moeilijk geweest. De middelen zijn schaars, elders zou ik meer kunnen verdienen, ik moet tonnen geduld hebben en tegelijkertijd sta ik onder een grote tijdsdruk.  Toch probeer ik er steeds voor te zorgen dat onze bewoners hier zo weinig mogelijk van merken. Warme zorg, daar staan wij voor! Daar ben ik waanzinnig trots op!

Vorig jaar deze tijd had ik me nooit kunnen voorstellen dat ik ooit zou twijfelen aan mijn 'roeping' want zo voelt het voor mij. Ondertussen ben ik moe, meer nog, ik ben op. In het voorjaar hebben wij het zeer zwaar te verduren gehad, een veertigtal overlijdens hebben wij gehad, van 1 april tot half mei, door Corona. Heel veel van mijn collega's, waaronder ikzelf zijn besmet geraakt. Blijven werken als je geen koorts hebt was de boodschap. Dat hebben we ook gedaan.
Gelukkig konden wij op onze organisatie rekenen en hebben zij voldoende beschermende kledij aangekocht (aan woekerprijzen). Anders was de ravage nog groter geweest! Want nee, wij konden niet testen. Toen we het wel konden was het veel te laat.
In de piek van de crisis waren er momenten waarop we onvoldoende tijd hadden om onze bewoners alle basiszorg toe te dienen. Iedereen moest op kamer blijven want we wisten niet wie wel en niet besmet was. We moesten blij zijn als onze bewoners eens gelachen hadden en voldoende gegeten hadden. Om iedereen te wassen en aan te kleden was op sommige momenten simpelweg geen tijd. Wij vonden dat hartverscheurend!

Gelukkig was er in die moeilijke periode een overheersend gevoel van solidariteit tussen alle collega's ... dát was onze adrenaline. Dat gezamenlijke doel om zo goed mogelijk voor onze mensen te zorgen, waardoor we toch nog die "extra mile" konden gaan.
Want weet u, zonder elkaar hadden we het niet gered. Verpleegkundigen, zorgkundigen, logistieke medewerkers, teamcoördinatoren, directie, administratieve medewerkers, ergotherapeuten, kiné ... we waren allen één.

Ondertussen voelen wij de druk weer toenemen. Dat maakt ons bang. We voelen ons in de steek gelaten! Nog steeds moeten wij met dezelfde middelen het werk rond krijgen. Ondertussen zijn veel van mijn collega's langdurig ziek. Om nog maar te zwijgen van de collega's die mogelijks symptomen van Covid vertonen en die dus ook niet kunnen komen werken. Die moeten allemaal met even veel handen vervangen worden. Handen die nog altijd moe zijn.

Daarnaast zijn wij diep teleurgesteld dat de federale regering het zorgpersoneel waar zij voor bevoegd zijn, wél naar waarde schatten en dat wij niet naar waarde geschat worden. Het maakt mij ook bang naar de toekomst toe. Wie zal nog voor de ouderenzorg kiezen? Mensen die hier nooit mee in aanraking kwamen hebben vaak een negatief beeld van wat wij doen en wat ons werk inhoudt. 'Mensen wassen en incontinentiemateriaal vervangen' ... Hoe opwindend klinkt dat?
Ondertussen wordt de loonkloof tussen de federale zorgsector en de Vlaamse zorgsector steeds groter.
Begrijp mij niet verkeerd, het gaat mij niet om het geld. Anders deed ik dit werk al lang niet meer. Het gaat mij om het gevoel van waardering voor wat wij doen. Want geloof mij, dat is heel wat meer dan mensen wassen en incontinentiemateriaal vervangen!

Ik wil erop aandringen om alsnog aan ons en onze ouderen te denken. Wij zijn nu al op en het ergste moet misschien nog komen. Wij voelen ons ondergewaardeerd, nu meer dan ooit!
We hebben dringend nood aan ondersteuning en durven daarvoor op u beroep doen.

Met vriendelijke groeten
Een teleurgestelde verpleegkundige